Verward

Verward

Verward

En nu, dacht ik na de verkiezingen. Ik zeg niet ‘na deze uitslag van de verkiezingen’. Want verkiezingen zijn sowieso wel een dingetje voor me, al lang. Ik heb geen alternatief, wel een leerzame aanvulling die we eens zouden moeten proberen. Bijeenkomsten van gelote burgers, die heus niet allemaal behoren tot de onpopulaire ‘elite van goedwillende burgers met een naïef idealistische inslag’.

Want dat is nu juist bij loten het idee: dat weten we niet van elkaar. De traditionele indeling links/rechts vervalt, de generaties zijn evenredig vertegenwoordigd, afkomst ook. Het is wie er aan de oproep gevolg geeft en als dat alleen maar een bepaald type burger is, dan is dat maar zo. Ongehoord Nederland, je pakt je kans of je pakt hem niet, daarmee ben ik gauw klaar.

In die bijeenkomsten krijgen burgers de tijd, gelegenheid en informatie om over een onderwerp wat langer na te denken dan de vraag op welke aantrekkelijke lijsttrekker en slogan ze zullen gaan stemmen. Ze leren te overleggen in plaats van te overtuigen. En dat die ander niet per se je vijand is die jou wantrouwt en dat jij dat dan ook maar gaat doen. In sommige gemeenteraden functioneren op die manier politieke partijen redelijk met elkaar. Dus het kan wel. Ja, ik pik even Jettens leus, hij had hem per slot ook gepikt.

Maar veel van zulke leerzame bijeenkomsten voor de burger zijn er niet, dus blijft de vraag na elke verkiezing ‘en nu’.

Daarover ben ik verward en met mij velen. Nou ja, op Bluesky denk ik dat dan te zien. Het punt voor mijn partij is: gaan we principieel met schone handen en een zuiver geweten in de oppositie of nemen we weer het risico om door een VVD -nog onbetrouwbaarder dan eerst- met boter en suiker te worden ingemaakt? Als we meedoen, werpen we mogelijk een blokkade op tegen extreemrechts, maar omdat het ook in de VVD sterk naar populisme ruikt, mislukt die blokkade mogelijk. Bovendien wil de goedgeklede influencer die daar danst op twee verloren zetels -ik zei het toch- niet met ons dansen.

Misschien moeten we maar gebruik maken van die opstandige houding en niet meedoen. Zo van oké, dan niet. Of hopen dat er een coalitie zonder de VVD wordt gevormd, met een regeerakkoord waar normale politici wat mee kunnen.

D66, ik hoorde het je zeggen: het kan wel. Laat maar zien dan.

 

Afbeelding van Greg Montani via Pixabay

Donker verleden en heden

Donker verleden en heden

Donker verleden en heden

‘Valt wel mee, toch?’ is niet altijd een verstandige houding t.o.v. wat er nu aan het gebeuren is, bedacht ik, toen ik het boek uit had.

Ik las ‘Waar ik me voor schaam’ van Sheila Sitalsing, een aangrijpend relaas van de zoektocht die zij samen met andere nazaten ondernam na de schokkende ontdekking dat haar moeder tijdens haar leven nooit heeft verteld dat zij het (enige) kind van twee actieve NSB-ouders was, vóór en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Twee klappen ineen om te verwerken: het zwijgen van je moeder én het foute verleden van je grootouders. In elf wenken neemt zij de lezer mee, om in de tiende en elfde wenk te zeggen: ‘vertel het door en waarschuw’ en ‘je hoeft geen sorry te zeggen maar je kunt wel rekenschap afleggen’. En, zeg ik dan, dat waarschuwen geldt niet alleen voor nazaten, maar voor iedereen die zich nu zorgen maakt over democratie en rechtstaat.

Trouwens, misschien ben je wél een nazaat, zonder het te weten. Ik wist het in elk geval wel, veel familieleden niet, bleek onlangs. Van de NSB-broer van je (jonggestorven, biologische) oma ben je geen directe nazaat eigenlijk, maar het is wel familie, dus een strenge genen-denker kan nu met andere ogen naar mij, naar ons kijken. Oké dan. Dat was -voor zover ik me kan herinneren- ook wel zo’n beetje mijn reactie toen mijn moeder het mij als kind vertelde: Oh. Er werd in de familie niet meer over gepraat, zei mijn moeder en er was geen contact meer met de oom en zijn familie. Oh.

Onlangs dus bleek -tot grote schrik van familieleden- dat mijn moeder één van de weinigen, zo niet de enige was, die ‘het geheim’ een generatie doorgaf. Sommige geheimen waren niet aan haar besteed en daar ben ik wel blij mee. Al heb ik het er als kind en ook later nooit meer met mijn moeder over gehad en dat vind ik nu wel jammer, na het lezen van Sitalsings boek. Mijn vragen zijn minder urgent dan de hare, maar ik heb ze nu wel.

Sitalsing bespreekt ze met wat zij liefdevol haar ‘pubers met de bruine krullen’ noemt, ook nazaten. Hun onbevangen meningen over ‘die opa van jou’ klinken mij enorm helpend en nuchter in de oren.

Over wenk 10, ‘vertel het door en waarschuw’: ik ben geen aanhanger van het waarschuwende ‘de geschiedenis herhaalt zich’, want er zijn altijd verschillen. Maar let wel op dat het niet weer de verkeerde kant opgaat, ook en misschien wel juist als de wereld er anders uitziet dan vroeger.

En lees het boek! https://www.debezigebij.nl/boek/waar-ik-me-voor-schaam/

 

 

Afbeelding van congerdesign via Pixabay

 

Voor de ander

Voor de ander

Voor de ander

Op zich vond ik dat ze wel een paar puntjes had, de pratende stem achter ons op het terras: mensen zijn niet altijd even tactisch in de omgang met elkaar. Vooral als ze zich sociaal willen opstellen uit eigenbelang, gaat het wel eens mis.

Deze dame was -begrijpelijk- gevallen over het ‘Ik doe het voor jou hoor’ van iemand. Die had haar gevraagd op de hond te passen. Ik zag het helemaal voor me: eigenaar van hond zoekt nerveus naar oppas, oog valt op ‘alleenstaande die het vast wel leuk vindt’. Dankbare opluchting laten blijken is maar lastig, de gedachte ‘iets goeds te doen voor een eenzame senior’ ligt lekkerder.

Het volgende herkenbare pijnpuntje werd aangesneden, maar dat ben ik om redenen van eigen geestelijk welzijn vergeten. Lief L, ook afluisteraar in dezen, was het met me eens dat je al je puntjes beter niet de baas moet laten zijn over je gemoed.

Ondertussen vervoegde zich een poes aan onze tafel. Ik vroeg de serveerster wie ervoor zou zorgen de komende week, want het theehuis op het landgoed zou een weekje dicht zijn. ‘Ze heeft een thuis op het landgoed, maar is hier de hele dag.’ Die kat was uitgekeken op de luxe van ruimte, rust, vrijheid en het vangen van muizen en verveelde zich. Op het terras kreeg ze aandacht en je wist maar nooit of er niet iets interessants van de tafels zou vallen. Wat zij dan zou ‘opruimen’. ‘Ik doe het voor jou hoor’, zou ze dan zeggen als ze een mens was.

Toen we weggingen keek ik nieuwsgierig wat voor gezicht er bij die ‘herkenbare puntjes’-stem hoorde. ‘Dat komt niet meer goed’, zei ik. Het zuur was erin getrokken.

We namen ons voor om bij het doen van onze seniorenlichaamsoefeningen vooral vaak de schouders op te halen. En, los daarvan, uiteraard nooit te verleren dankjewel te zeggen.

 

 

 

 

Afbeelding van PublicDomainPictures via Pixabay

 

Mannetje

Mannetje

Ergens loopt een vervelend mannetje rond. Dat mannetje was al een vervelend mannetje toen hij op school zat, zeggen klasgenoten. Vervelende mannetjes voelen zwakke plekken goed aan. Dus zo’n mannetje ziet later als hij groot is, de zwakke plekken van mens en maatschappij. En vooral hoe mannetje daar misbruik van moet maken. Voor zijn eigen lol.

De politiek is dan een prima plek voor zo’n mannetje. Mannetje voelt onvrede aan, mannetje heeft natuurlijk geen oplossing, alleen behoefte aan aandacht. Mannetje wil ook graag, net als vroeger, de lachers op zijn hand, dus mannetje zegt iets lulligs over een groep. En daarna over de mensen die daar verontwaardigd op reageren. En hij doet net of hij een gewone Nederlander is, wat dat ook moge zijn. Mannetje doet net of hij luistert naar gewone mensen, maar gewone mensen luisteren naar mannetje. Soms vinden ze wat hij zegt wel een beetje ver gaan, maar hij zegt het tenminste. Hij luistert tenminste. Maar mannetje luistert helemaal niet, zíj luisteren. Arme mensen.

Zo werkt populisme.

22 november 2023.

Het is het mannetje gelukt om 23 % van de stemmen te halen. Dat is veel voor een ondemocratische partij met een programma dat tegen de grondwet in gaat. Maar mannetje doet net of hij 100% heeft. Mannetje gaat nu Nederland aan de Nederlanders teruggeven. Huh? Gaat dit over migranten? Jazeker.

Nou sorry hoor, maar als ik zulke taal hoor uit de mond van een mannetje wiens voorouders toch echt migrant waren en dat mannetje is getrouwd met een vrouw die dat ook is, wat ik allemaal prima vind, maar dan denk ik toch dat mannetje even naar het begrip Nederlanderschap moet kijken.

Ik hoef Nederland trouwens helemaal niet terug, want het is mij niet afgepakt. Zelfs niet door mannetje. Al kreeg ik eerlijk gezegd woensdagavond wel zélf even migratieneigingen … Maar vervelende mannetjes en rot weer heb je overal.

Mannetje was ten behoeve van zijn campagne milder geworden, zei hij. Je moet maar durven: je eigen 18 jaar oude hatelijke en rechtsstatelijk onmogelijke programmapunten mild noemen, die loslaten en dat dan milder noemen en denken dat je mag regeren. Tuurlijk joh, geen probleem!

Dat het ‘t mannetje op 22 november gelukt is 23% van de kiezers tegen andere kiezers op te zetten, komt natuurlijk ergens door. Duiders vallen over elkaar heen met adviezen: zelfreflectie hier, zelfreflectie daar, beter verhaal hier, beter verhaal daar. Allemaal waar.

Nou, ik dan ook maar: hoe nemen we populisten de wind uit de zeilen? Komt ie: burgerberaad hier, burgerberaad daar. Daar leren we -met gespreksregels- naar elkáár te luisteren in plaats van naar het vervelende mannetje. Want heus, ook bij die 23% zitten burgers die redelijk kunnen nadenken, als ze de kans maar krijgen. Vervelend mannetje is gevaarlijk, maar zíj niet. Probéér het nou eens.

Vooralsnog zitten we met een gehavende parlementaire democratie. Iedereen die met mannetje wil regeren moet ‘over zijn schaduw heen stappen’, zei hij meteen. Ik hoorde mensen het hem al nazeggen, we zijn nogal bevattelijk. Thuis heb ik dan ook gezegd dat als ik begin te wauwelen over schaduwen en stappen, ze de dokter moeten bellen.

Want nee, mannetje, niks schaduw.

Wij willen niet over de rechtsstaat heen stappen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Onaangenaam

Onaangenaam

Onaangenaam

Dit wordt een heel lang kwaad stuk waaruit zal blijken dat achter deze braverik eigenlijk een heel onverdraagzaam mens zit. Dus: keer om en wacht betere tijden af.

 

Ha, U bent er nog, fijn. Het zit namelijk zo: het was me in mijn lange leven al eens opgevallen dat er mensen zijn die bij moeilijke situaties- van mij of anderen- steevast een denkbeeldige weegschaal pakken, het probleem op de ene schaal daarvan leggen en dan de eerste de beste dooddoener op de andere. Klaar! Ze kijken heel tevreden over hun verstandige inbreng, die de boel immers mooi in evenwicht heeft gebracht. En voor de rest zoek je het verder zelf maar uit met je verdieping.

Zulke mensen, dat gáát dan nog, want die vermijd je voortaan gewoon als je ergens aftastend dan wel diepgaand over wil praten. Maar er zijn er ook die maatschappelijk conflictueuze situaties opzoeken, zien hoe de wind waait en dan pathologisch hun tegenwind rondblazen om zo hun saaie leventje nog een beetje sjeu te geven. Het onderwerp doet er niet toe, maar het ligt hun altijd zéér aan het hart, evenals ‘vrijheid’ en ‘de nuance’.

Het probleem coronamaatregelen was vanaf 25 februari jl. gedateerd. De koffiedrinkende actievoerders met hun loze hartjes zaten even ‘in between jobs’. Kregen ze zomaar de oorlog in Oekraïne in de schoot geworpen! En ja hoor: de agressieve dictator, volksverrader en gifmenger P. wordt onmiddellijk geadopteerd. Ja, ik weet het, zíj zeggen gewoon Poetin, zonder negatieve kwalificaties. Waardoor i k er natuurlijk ongenuanceerd, bevooroordeeld en eenzijdig op sta, maar dat doe ik heel graag deze keer.

‘In zekere zin begrijp ik wat Poetin doet’, zegt oprichter en presentator van internetzender Blckbx, Flavio Pasquino. Hij noemt de verslaggeving in de reguliere media ‘volstrekt eenzijdig’, omdat die zou verzwijgen dat het Westen de oorlog heeft ‘uitgelokt’. Verzwijgen? Nou vráág ik je! Ik lees al jaren dat West-Europa onhandig opereert als het gaat om verdeling van invloedssferen, ben het er zelfs mee eens, en die kritiek wordt ook nu herhaald. Uitlokken? West-Europa gaat eerst aan het Russische olie-en gasinfuus, bindt zich kruiperig en gedwee financieel met handen en voeten aan Russische handel en oligarchen en gaat dan een oorlog uitlokken? En die homohaat in Rusland, het vergiftigen van politieke tegenstanders en journalisten, het afschaffen van de democratie en het intimideren van zijn eigen volk door dictator P. en zijn geprivilegieerde kliek, ook allemaal uitgelokt door het Westen?

Nee, dan Sietske Bergsma van corona-actiegroep Moederhart. Zij verdedigt de Russische inval met de woorden ‘Wat had Poetin dan moeten doen?’ Eh, even denken…nou bijvoorbeeld n i e t het buurland binnenvallen en harteloos kinderen vermoorden of kinderen met hun moeders van huis en haard verdrijven terwijl hun vaders zich doodvechten, zoiets Siets?

‘Wij zijn altijd kritisch op media en politiek. Dus als Rusland als dader wordt beschreven en Oekraïne als slachtoffer, wéét je gewoon dat daar nuance mist’. Daar heb je hem, de authentieke genuanceerde weegschaallulkoekverkoper. Nu in de persoon van Max von Kreyfelt van Café Weltschmerz, een andere internetzender.

De overstap van corona naar dictator P. verloopt soepel, temeer daar er al een paar geestverwanten met dezelfde weegschaalaandoening in zijn fanclub zaten.

Zo stelden schrijvers van Uitgeverij De Blauwe Tijger in 2017 al de retorische vraag ‘Poetin, staatsman bij uitstek van onze tijd?’ Ja, natuurlijk. En daarna gingen ze geheel in zijn onbetrouwbare leugenpropaganda-geest complottheorieën over corona verspreiden. Ook emeritus-hoogleraar internationale betrekkingen (sic!) Kees van der Pijl blijft na de inval in Oekraïne gewoon fan. ‘Persoonlijk zie ik niet wat er zo bijzonder onaangenaam is aan de leiding en de persoon van de president daar’.

Onaangenaam! Waar zijn de Griekse en Romeinse dondergoden en wraakgodinnen als je ze nodig hebt? Donder en bliksem over zo’n uitspraak! (En dan lijkt hij*ook nog op Dominee Gremdaat*, wat trouwens heel erg zielig is voor de laatste en zijn schepper, Paul Haenen.)

Tja, dan Willem Engel nog natuurlijk, die sneller aangiftes doet dan hij danspasjes kan maken en daarmee andermans leven en de rechtspraak onevenredig belast. ‘Het was ons nooit alleen om corona te doen’. Wat je zegt, Willem. Het gaat jullie om jullie.

 

 

Voor dit stuk heb ik gebruik gemaakt van informatie uit dit NRC-artikel https://www.nrc.nl/nieuws/2022/03/03/ik-begrijp-wel-wat-poetin-doet-a4096731

De afbeelding is van Pixabay.

Dissen

Dissen

Zeven vinkjes plus dissen

Het is natuurlijk tricky om te zeggen dat je blij bent dat je niet beroemd bent. Er staat altijd wel iemand klaar om uit te leggen dat jij dat stiekem juist heel graag wil. Maar ik ben dus blij, want nou word ik niet geïnterviewd in Volkskrant Magazine, de vrolijke weekendbijlage van mijn krant. Op grond van mijn lezerservaringen zou ik namelijk bang zijn om óók in de zeik gezet te worden door gevaarlijke vragen en stomme foto’s, alles overgoten met een knipoog, want het is uiteindelijk weekend, toch?

Maar goed, Joris Luyendijk schreef een nieuw boek, De zeven vinkjes, en daar wil hij aandacht voor en dat kreeg hij dit weekend met een interview. Snap ik, van beide partijen.

Het boek is een pijnlijke reis naar binnen over twee ongelukkige jaren in Londen bij de Guardian, inmiddels tien jaar geleden. Voor het eerst realiseert hij zich nu dat zijn zeven hoedanigheden (man, in Nederland geboren ouder(s), wit, hoogopgeleide en welgestelde ouder(s), vwo, universiteit en hetero) hem niet gingen helpen. Hij heeft zich namelijk niet leren handhaven, zoals mensen met een andere achtergrond of geslacht dat wél hebben moeten leren. En toch worden die, ondanks die krachtige kwaliteit, nog steeds niet benoemd in topfuncties, zegt Luyendijk. Dat is raar, vindt hij en daar ben ik het mee eens. Hij vertelt verder hoe het voelt als je gedist wordt. Voor de duidelijkheid: dissen is zogenaamd goedmoedig plagen, maar het ruikt indringend naar pesten en uitsluiten.

Je hoeft geen vervelend voormalig kostschooljongetje uit Engeland te zijn om iemand te dissen, laat de Volkskrant na het weekend op maandag zien. En je hoeft ook geen vinkje man te hebben. De dame van het interview gaf in het weekend de bal voor en de dame van de column schoot hem er maandag in. Ze hoefden het niet eens met elkaar af te spreken. Want zo gaat dat bij de dis-cultuur: het werkt op een onzichtbare radar. Voor wie de links niet kan openen: in het interview worden precies díe vragen gesteld over bekendheid, ijdelheid en inkomen waarop elk antwoord je kwetsbaar maakt. En de tijdens corona gewoon doorbetaalde columnist maakt daar vervolgens vaardig gebruik van door een nuchtere opmerking van Luyendijk over ontbrekende coronasteun naar haar hand te zetten. Lachen. Ze gaat niet dieper in op de inhoud van het boek, maar verschuilt zich achter een verwaand sarcasme. ‘Privilege? Duh, weet ik al mijn hele leven.’

Wij hadden het er hier thuis dus over of er niet nóg een vinkje nodig was om je in dit leven staande te houden. Ik heb er sowieso vijf (geen piemel, geen bul). Maar, zoals iemand n.a.v. mijn vorige blog over identiteiten opmerkte, ik heb een universitaire man. Ik ben destijds gewoon uit liefde getrouwd, maar in seksistisch denken is welgesteld trouwen inderdaad lucratief en ik reken hem voor deze keer goed. Zes dus. Meer dan menig ander mens, je hoort me niet klagen.

Maar.

Feit is dat zowel de universitaire man als ik er niet genoeg aan hadden om soepel door het leven te mogen gaan. We hebben eelt op onze ziel moeten kweken, net als Joris in Londen (en nu in Nederland). Want je komt zomaar iemand tegen die een beetje wil ‘sparren’, dissen, buitensluiten, pesten of zich anderszins met jou wil vermaken, al dan niet in groepsverband. Geslacht of kleur maken niet uit, het gebeurt in elke vinkjes-groep, ook onderling.

Het is de kunst om niet mee te gaan dissen en wél gevoelig te blijven. Mijn lief vindt mij overigens in bovenstaande kwestie té gevoelig…

D u n  laagje eelt toch maar. Moet maar genoeg zijn.

 

Identiteiten

Identiteiten

Identiteiten

Sinds enkele medelanders -die zichzelf gekleurd en mij wit wensen te noemen- hun mondje stevig roeren, hoorde ik over identiteit. Ik had er nooit lang over nagedacht, vraag me niet waarom. Volgens hen ging het daarvoor te goed met me. Sinan Çankaya schreef er een boek over, ‘Mijn ontelbare identiteiten’. Aanrader, je moet alleen wel kunnen tegen die storende sociologenpraat, tussen de mooi geschreven verhalen over zijn leven als migrantenkind door.

Afijn, sinds enkele jaren ben ik me dus ook bewust van mijn identiteiten, al dan niet toebedeeld en inclusief kwalificaties. Gaat ie.

Ik ben vrouw (emotionele zeurkous), wit (geprivilegieerde kolonialist), hoogopgeleid (weet niks van het echte leven), welvarend (verwend) en ik woon gezien de woningnood in teveel vierkante meters (egoïstisch), zeker voor een bejaarde (nóg egoïstischer). Over dat laatste: ik ben héél duur voor de samenleving, omdat ik natuurlijk weer niet gezond geleefd heb en daar draait de jonge belastingbetaler nou voor op. Tot overmaat van ramp laat ik ook nog een grondig verpest klimaat achter.

Ouder worden is al niet leuk, maar om nou de schuld te krijgen van alles wat er ondanks alle inspanningen mis is, voelt niet zo…eh…leuk, dus.

 

Zo zie je, Çankaya, dat de vijandigheid jegens al míjn identiteiten ook aardig kan oplopen. Ik reken de laatste tijd bij de Leuk-Leven-kassa regelmatig een hoger bedrag af dan mijn incasseringsportemonnee eigenlijk bevat.

 

Wie drijft die prijzen eigenlijk zo op?

Wij allemaal, vrees ik.

Ik moet me zelf ook beheersen. Bijvoorbeeld om die planeetdepri’s, ratioadepten, boos gekleurde betweters en koosjere vierkante metertellers niet allemaal in een hok bijeen te drijven en door de tralies heen de vraag toe te schreeuwen wat ze zélf eigenlijk doen voor een leukere wereld, behalve een ander de schuld te geven dan. En of ze niet vinden dat het bij een gezond leven hoort om regelmatig kritisch naar jezelf te kijken. Kritisch, maar vooral ook mild, want het schijnt dat je dan ook wat milder naar ‘De Ander’ gaat kijken.

Maar van deze onbeheerste plannen van mij komt natuurlijk niks en dat is maar goed ook. Dus spreek ik kritisch tot mezelf (‘niet overdrijven’) en mild (‘kan me wel voorstellen dat het je af en toe tot hier zit’) en dan word ik wel weer een beetje milder tegenover de anderen. Ach, ben nooit zwart geweest natuurlijk, maar wel jong en op de barricade. Toen was ik misschien ook niet altijd even leuk. Van die barricade krijgen ze me overigens niet weg, leuk of niet leuk.

 

Dagboek van een schaap

Nou dacht ik toch echt dat ik wel weer mijn oude pre-corona-zelf was (een mengelmoesje van ongeduld en berusting), maar dat is toch niet helemaal zo. Vervelend, want dit moet een milde oudejaarsaflevering worden. Omdat a. we met zijn allen nou wel genoeg gemopperd hebben en b. nou ja, hetzelfde.

Wat humeur in roerige tijden betreft ben ik als de kanarie in een kolenmijn. Ik val als eerste om. Toen deze virus-ellende begon werd ik gelijk ongedurig van die stilstaande wereld om mij heen. Zelf hou ik wel van mijn huisje en mijn rust, maar iedereen om mij heen moet gewoon druk doorgaan. Maar goed, even heel mindful na 2 jaar: het is wat het is, iedereen doet zijn best en het handjevol irritante mensen is keurig verspreid over de verschillende kampen. Huh? Jazeker!

Als iemand besluit zich niet te laten vaccineren, wordt zo iemand asociaal genoemd, want die denkt niet aan anderen. Eerlijk gezegd: toen ik besloot me wél te laten vaccineren, dacht ik aan mezelf en mijn naasten. En pas in een veel later stadium dat ik daarmee een bescheiden bijdrage zou leveren aan de samenleving.

Een beetje cynisch fantaseerde ik daarna over ons, de vaccinkiezers. Wat zou er gebeuren als er een tekort aan vaccins zou zijn geweest? ‘Gaat u voor!’ ‘Nee, gaat ú maar!’ Denk het niet. Nou zijn sommige vaccin-niet-kiezers ook niet zo aardig over ons. Wij zijn schapen. Conclusie is dat we dus gewoon niet zo aardig zijn tegen en over elkaar. En in deze statistiekentijd nu even een statistiekje van mij. Disclaimer: ik ben een amateur. Komt ie.

Aanname: van pakweg 100 mensen zijn er in onze samenleving doorgaans 10 altijd vervelend. Als je onder die honderd mensen ongeveer 85 vaccin-kiezers en 15 vaccin-niet-kiezers hebt, dan zijn die 10 mensen hoogstwaarschijnlijk best wel gelijk over de twee groepen verdeeld. Dan vallen die 5 bij de 15 natuurlijk meer op dan die 5 bij de 85, maar dat wil dus niet zeggen dat de vaccin-kiezers als groep aardiger en socialer zijn.

Ik ken persoonlijk niet zoveel vaccin-niet-kiezers, twee in totaal. Ze zijn aardig en sociaal. Publiekelijk is dat anders, daar zie ik een paar irritante drammertjes. Maar onder de vaccin-kiezers op publieke fora, zitten er ook een paar. ‘Ik ben hartstikke voor vaccinering, maar …’ en dan begint het vragen en zagen en stoken en poken in en over alles waar een welwillend mens -ook in deze tijden- vertrouwen in probeert te hebben: de overheid, de wetenschap en natuurlijk de medemens. De -voor mij- meest irritante onruststokers laten geen kans voorbij gaan zichzelf ook nog eens op te werpen als ‘verbinder’ tussen de ‘gepolariseerde’ vaccinkampen. Ja, doei! Vredestichters in een oorlog die ze zelf zijn begonnen. Heldhaftige blussers bij de vrijwillige brandweer die eigenlijk sociale pyromanen zijn.

Misschien overdrijf ik, maar hierom is het dus dat ik mijn labiele evenwicht nog niet helemaal hervonden heb.

Mijn goede voornemen en boodschap: laten we elkaar niet beoordelen op vaccin-keuze, maar op welwillendheid, respectvolle aandacht en vriendelijkheid. Laten we met aardige mensen in gesprek blijven, tot welk kamp ze ook behoren.

 

Een gezond 2022, in alle opzichten!

 

Samenwerking

Iedereen mag weten wat ik gestemd heb (GL) en iedereen mag voor zichzelf ook weten wat ie stemt, dus deze column verschijnt op verkiezingsdag pas om negen uur ’s avonds en is geschreven vóór de uitslagen van de exit polls.

Er was weer een ruime keuze, met veel nieuwkomers, waarvan één Nieuwkomer met een hoofdletter. Volt heeft een goede pers bij weldenkende mensen, waartoe ik mijzelf op mijn goede momenten ook reken. Waar de jonge frisse lui evenwel niks aan kunnen doen is dat ik in mijn omgeving erg last heb gehad van een fervent Volt-persoon die opvallend anders opereert dan waar Volt voor zegt te staan.

Ik ben zo vrij om het samen te vatten als pragmatisch, constructief en gericht op samenwerking. Volt bedoel ik dan, hè? Want een hoog- (niet breed) begaafd persoon die de eigen manipulaties ‘schaken’ noemt en slechts op verzoek van een dappere enkeling uit het lam gelulde publiek de regeltjes- en cijfertjesbrij  met tegenzin even onderbreekt om te zwijgen (en uiteraard niet te luisteren), tja, zo iemand zie ik dan niet voor me bij een pragmatische en constructief samenwerkende Volt-er.

Vraag is natuurlijk of ik langs mijn persoonlijke frustraties en wrok heen kan kijken. Ik waag een poging en dan zie ik een partij die een aantrekkelijk maar niet zo heel erg nieuw programma heeft. Een programma dat, net als bij andere partijen, toch afhankelijk blijft van de goede intenties en communicatieve eigenschappen van mensen die moeten zorgen dat het ook uitgevoerd kan worden.

Nu popt toch even die boven beschreven rondwandelende antireclame op, maar eerlijk is eerlijk: dit type kan elke partij verzieken en het enige voordeel is dat ze daardoor nooit ergens lang blijven, zie de splinters en carrousels in de Tweede Kamer.

Wat betreft samenwerking: ik heb dus gestemd op de enige partij op links die daar ook in de campagne nog over bleef praten, hoe onhandig dan ook. Je weet maar nooit of het een keer gaat lukken.

 

(illustratie: OpenClipart-Vectors via Pixabay)

Groot groeien

Groot groeien

Lachmann-Anke (Pixabay)

Als ik later groot zou zijn, was ik lekker de baas. En zou ik alléén nog maar boterhammen met boter en suiker eten. Mijn vader schoot in de lach, toen ik dat vroeger zei. “Dat lust je dan niet meer.” Ik ben nu groot en het klopt, al vergeet ik de verrukking van toen nooit.

Het fotoboek in mijn hoofd is rommelig en niet chronologisch ingeplakt. Dus dat werd bladeren, maar ik kon verder niks vinden over ‘later-als-ik-groot-ben-plannen’. Daar was ik naar op zoek vanwege grote mensen uit het dagelijks nieuws. Ze vallen nogal op, omdat ze zich niet gedragen als grote mensen. Wat zouden hun ‘later-als-ik-groot-ben-plannen’ zijn geweest? Ik denk opvallen en dat is dan gelukt.

Ik noem verder geen namen, maar er is er eentje die opvalt vanwege zijn taakopvatting van Tweede Kamerwerk. Daar vallen onder: zwetsen in het Latijn; verkleden (soldaatje); pianospelen (op een echte vleugel!); lavendel snuiven; coke snuiven. En niet te vergeten: Maradona aftroeven betreffende alcohol en cocaïne. Lanterfanten dus. Maradona kon tenminste nog voetballen.

“Waar komt jouw kruistocht tegen het antisemitisme vandaan?”, vroeg het joch aan iemand. Die zei dat iedereen toch tegen antisemitisme was, waarop hij zei “bijna iedereen die ik ken is antisemiet”. Dan ken je een hoop rotzakken, zou ik zeggen. Wat mij -naast dat antisemitisme- schokt is dat hij denkt dat iedereen zo is en dat hij geen benul lijkt te hebben van de ernst. Alsof het over masturberen gaat: wát nou, iederéén doet dat toch?

Iets verder van hier loopt er nog zo eentje rond. Ik herinner me zulke kinderen van vroeger: verliezen en dan moord en brand schreeuwen dat de ander doet wat ze zelf doen: vals spelen. Op het schoolplein kinderen betasten, schoppen en bespugen. En dan -na die verdiende knal voor hun harses- gaan janken dat ze niet meer op zijn partijtje mogen komen. Joepie! Eh, jammer.

Die van hier heeft goed naar die van daar gekeken: media liegen en iedereen speelt vals. Er komen er steeds minder op zijn partijtje: alleen nog een net zo’n over het paard getild rotjoch als hij, plus een paar verdwaasde angsthazen.

Ik weet trouwens niet of zijn oude vriendjes wél groot gegroeid waren. Misschien was dit hun laatste groeispurt. Ze hadden er wel eerder achter kunnen komen dat het niet slechts koket studentikoos gebral is, als je jouw poepkleurige theorettes over cultuur staat uit te venten.

Maar goed, nu tegen antisemitisme en racisme en daar hou ik ze aan.

Zij zijn groot en hij blijft klein.