Alles oké?

Alles oké?

De twee betekenissen van ‘ouder’ hebben vast wel iets met elkaar te maken. Het lijkt me in ieder geval voor de hand liggen dat, als je besluit om je voort te planten, je beduidend ouder bent dan je aanstaande kind. Want -net als ouder worden- is het ouderschap niet voor watjes.

Ik weet niet of dát de reden is dat ik nu af en toe moet terugdenken aan de tijd van mijn zwangerschappen en kinderen. En aan de manier waarop ik daar mee omging. Wat weer bepaald werd door hoe de mensen in de samenleving met mij in die positie omgingen. Of zoals ik de ongeschreven regels bewust of onbewust interpreteerde.

Ik denk dat ik wat nu gaat volgen wel voldoende heb gerelativeerd, dus laat ik beginnen met mijn taakopvatting toen.

Als je buiten (soms ook binnen) je eigen sociale kring gewaardeerd wilde blijven, moest je niet te veel over je gezin praten. Het mooiste was dat het op een gegeven moment ‘uit zou komen’: dat je ook nog kinderen bleek te hebben. Dan werd er met een wat minzame goedkeuring geknikt. Niet omdat je zo’n goede opvoeder van de volgende generatie zou zijn, want dat konden ze niet weten, maar omdat je het kennelijk soepel regelde en vooral dat je daar niet over zeurde. ‘Peanuts’, moest je uitstralen, deed je er gewoon bij, kwestie van goed management.

Terwijl het best een pittige tijd was, vond ik. En ik denk echt dat ik niet de enige was die dat zo ervoer.

Nou, met ouder worden ervaar ik het nu net zo. Niet laten blijken dat je strammer en minder flexibel wordt, je oogst bewondering als je normaal presteert, liefst boven normaal. ‘Die en die tenniste nog tot haar negentigste, hoor’ en ‘die en die begon nog een studie en schreef zelfs een boek op haar vijf en tachtigste, hoor’. Terwijl de laatste levensfase voor mij en meer mensen best pittig kan zijn, zowel fysiek als mentaal.

Veel mensen houden nou eenmaal van ‘positief denken’ en niet van moeilijkheden of rouw, vooral niet bij anderen. Oké, het is natuurlijk leuk voor elkaar om de dingen positief te zien. Ik ben óók van het halfvolle glas, hoor. Maar hé, halfvol is niet vol en dat hoeft ook helemaal niet. Het geeft alleen niet het volledige beeld van de werkelijkheid. Als je het zelf niet over beide helften wil hebben, is dat een persoonlijke keuze. Maar bij anderen? Hoe realistisch en -niet onbelangrijk- hoe sympathiek ben je dan bezig?

Alles oké? Nou nee, niet alles.

Het is dat ik er een hekel aan heb als mensen iets een taboe gaan noemen, dus dat doe ik niet. Maar ik zou hier willen zeggen: laten we vooral óók praten over de mindere kanten van het leven, of je nou jong, middelbaar of oud bent. En dus ook over veroudering en dood.

De fijne kanten van het leven vallen dan juist méér op dan wanneer je alleen maar geforceerde succesverhalen wil vertellen en horen.

 

 

Afbeelding van Elisabeth Guggenberger via Pixabay

 

Ouder, misschien wijzer

Ouder, misschien wijzer

Ouder, misschien wijzer

We doen het ons hele leven allemaal. En het is geen onverdeeld genoegen, zoals het leven dat sowieso niet is. Ik praat nu over ouder worden.

Beklagen daarover wil ik mijzelf niet, ik heb daarentegen een beetje te doen met onze jongere generaties. De zogenaamde Boomers zijn namelijk een vrij grote groep en beginnen nu en masse niet meer de jongsten te zijn, om het maar eufemistisch uit te drukken. Ook zoiets -het is niet typerend voor deze tijd en altijd zo geweest- maar waarom zo’n eufemisme als het over inleveren en vergankelijkheid gaat? Om het leed te verzachten?

Ik heb me voorgenomen om het komend jaar de verschillende kanten van het ouder worden -of in ieder geval dat van mij- hier te observeren. Daar kun je lezers mee kwijt raken. Geen ramp, bovendien zijn sommige media en hun veelal jongere auteurs mij ook aan het kwijt raken. Wat eveneens geen ramp is. Ik zie het als een leerzame les in bescheidenheid. Voor beiden, wel te verstaan: we hoeven immers niet op elkaar te zitten wachten en trekken ieder ons eigen pad, passend bij ons beider leeftijd en individuele karakter.

Voor de eventueel weglopende oudere lezers: ik snap dat. Per slot is het feit dat je een leeftijdscohort deelt geen verplichting om daar mee bezig te zijn als je daar geen zin in hebt. Als het goed is, zal de serie juist dáár over gaan: verwachtingen, vooroordelen en groepsdenken. Die zijn lastig te vermijden, leert de geschiedenis. Maar hoeveel schiet je er nou werkelijk mee op, als individu en samenleving?

Ik zie het dan ook als een uitdaging om de aandacht voor mijn en andermans persoonlijke beleving te laten uitmonden in een bijdrage aan die samenleving, nu en in de toekomst.

 

Een vruchtbaar 2025 toegewenst!

 

 

 

 

 

Afbeelding van Christophe via Pixabay